
Lichter dan gisteren; het maantje beschijnt kleine witte wolken. Het is zacht en droog. Koffie op het bankje in de Groentetuin. Herfstliedje roodbarst; halsbandparkieten, verkeersgedruis, heien in de verte. Tjekkende roodborst.
Recht voor mijn gaam gaan de boomverzorgers van Pius Floris aan het werk. Ze schieten met een lange stok met kattepult een draad met gewichtje hoog in de eik en hijsen daarmee het klimtouw op.
Bij de witte kastanje ontdek ik eindelijk het roemruchte mineermotje. Ongelofelijk klein, als het vliegt net een transparant mugje.