
Wind en wattenwolken; thuisdagje. Aangename temperatuur. ’s Morgens werken, ’s middags rommelen. Rondje park: libelle hoog bij de boomtoppen, een enkele huiszwaluw. Er valt al veel blad; geel of verdroogd groen. Ik zie weinig insecten door de harde wind. Atalanta’s, witjes, distelvlinders, wat hommels. Een vijgenbosje bij de Zaanbrug heeft opvallend aangegeten blad: vijgenskeletmineermot, een invasieve nieuwkomer.
Op de sloot blauwalg. De platanen in de acacialaan hebben al flink wat gedroogd groen blad afgegooid. Bergen takjes met blad en beukenootjes in de Beukenlaan, met behulp van de halsbandparkieten.
R. halen, extra vroeg om nog even achter het station te kunnen lopen. Zo’n acht boerenzwaluwen laag boven het riet, in de luwte van het wilgenbosje.











