
Lege lucht, prettig windje. Op het station hoor ik een verre snor, haan, verder stil. Koffie achter het Tuinhuis: winterkoning, hommels bezoeken de vele bloemen van de Oostindische kers in de groentetuin. De zon voelt warm door mijn broek heen. Ergens buiten zicht knaagt een wesp aan het hout van de tuinbank. Heftig gezoem op de grond in de mediterrane tuin: een wesp heeft een honingbij te pakken. Zo te zien een gewone wesp. Volgens internet pakt een wesp wel eens een ‘haalbij’ als ze erg behoefte heeft aan zoet.
Een fuut op de Witte Singel roept z’n schorre roep en zwemt driftig naar een voor mij onzichtbaar doel. De ‘spechtenboom’ langs de Witte Singel hangt nog vol neusjes maar is toch echt dood. Een halsbandparkiet zit naast het spechtengat.
Bij de pergola zoemt het van de bijen bij de bloemen van de Ampelopsis brevipedunculata. Volop fluitende gifkikkers in de kassen.



